Bodemcoach Stefan Nieuwenhuijsen (SoilGecko) begeleidt onder andere de studiegroep Akkerbouw Altena en ziet direct de meerwaarde. “In een groep gebeurt iets anders dan in een één-op-één gesprek. Ondernemers herkennen elkaars situaties, stellen andere vragen en motiveren elkaar om écht aan de slag te gaan.”
Meten in het veld: van gevoel naar inzicht
Een belangrijk onderdeel binnen deze studiegroep is het uitvoeren van brix-metingen en plantsapanalyses tijdens het groeiseizoen. Met Brix-metingen bijvoorbeeld meet je de inhoudsstoffen in het plantsap, wat een indicatie geeft van de gezondheid van het gewas. De meting is eenvoudig uit te voeren en gebeurt wekelijks in het veld.
De kracht zit in de eenvoud:
- De metingen voeren ondernemers (wekelijks) zelf uit.
- Resultaten worden direct gedeeld binnen de groep.
- Verschillen tussen percelen worden zichtbaar.
Voor veel deelnemers is dit nieuw. Zoals Marijn Vermue, voorzitter van de studiegroep Akkerbouw Altena, aangeeft:
- Brix-metingen waren voor veel deelnemers nog onbekend.
- Plantsapanalyses waren bekend, maar werden nog weinig toegepast.
Toch blijkt de instap laag. “De meting zelf stelt niet veel voor en kost weinig tijd. Elke week meten en delen in de appgroep zorgt ervoor dat je elkaar scherp houdt,” aldus Marijn.
Leren van elkaar: motivatie en versnelling
Wat deze aanpak sterk maakt, is de groepsdynamiek. Ondernemers doen niet alleen mee voor hun eigen perceel, maar ook om van anderen te leren.
- Je ziet direct wat er bij collega’s speelt.
- Verschillen in groei en waardes worden zichtbaar.
- Je krijgt nieuwe inzichten door ervaringen van anderen.
- Je motiveert elkaar door data te delen.
Koppeling met bodemdata: Regiodeal versterkt aanpak
De studiegroep wordt versterkt vanuit het Regiodeal project "Gezonde bodem voor meer vitaliteit", waarin Gemeente Altena de kartrekker is. Als gemeente zetten we ons in voor een gezond en prettig woon- werk- en leefgebied. We starten bij de bodem. Waar BodemUP zich richt op plantmetingen en begeleiding, voegt de Regiodeal een extra laag toe: inzicht in de bodem.
Hiermee ontstaat een compleet beeld:
- Wat zit er in de bodem.
- Wat komt er in de plant.
- Hoe ontwikkelt het gewas zich?
Volgens Eva van Genuchten (Gemeente Altena) zit de kracht juist in de samenwerking:
“We zien dat agrariërs hier echt actief mee aan de slag gaan en vooral bereid zijn om samen te leren. Door plant- en bodemdata te combineren en samen te experimenteren op demovelden, ontstaat er veel sneller inzicht. En het werkt simpelweg beter als je bij een collega in het veld kunt zien wat een maatregel doet, dan wanneer het alleen op papier staat.”
De gemeente is trots op haar sterke agrarische sector, maar ziet tegelijkertijd dat er veel veranderingen op boeren afkomen. Door agrariërs ruimte te bieden om te experimenteren en samen van de resultaten te leren, draagt de gemeente bij aan toekomstbestendige bedrijven in Altena.
Bekende groepen als succesfactor
De studiegroepen bouwen vaak voort op bestaande netwerken van ondernemers. Dat blijkt belangrijk voor het succes. “Deze groepen kennen elkaar al. Ze zien elkaar regelmatig en hebben vertrouwen in elkaar. Dat maakt het gemakkelijker om ervaringen te delen en open te zijn,” zegt Stefan. Het opzetten van nieuwe groepen kan daardoor uitdagender zijn, maar het concept werkt bewezen goed.
Meer dan meten: een nieuwe manier van leren
De studiegroepen laten zien waar BodemUP voor staat: leren door te doen, samen met anderen en gericht op de praktijk. De voordelen?
- Direct toepasbare inzichten.
- Meer grip op gewas en bodem.
- Snellere ontwikkeling door samenwerking.
Zoals Stefan het samenvat: deze aanpak kan zelfs effectiever zijn dan individuele begeleiding, juist omdat ondernemers elkaar meenemen in het proces.
Wil je op de hoogte blijven van de resultaten over de studiegroep. Kijk dan op:
www.bodemup.nl en op Circulair voedselsysteem | Gemeente Altena.
